Flexwerk in 2015: Wat is er veranderd?

Deel jij ook?Share on Google+Pin on PinterestShare on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Facebook

office-594159_640Flexwerken, wat is dat?

Flexwerken bestaat in Nederland al sinds 1999. Onder flexwerken wordt verstaan het in dienst zijn van een bedrijf of opdrachtgever, maar als zzp’er, of met een tijdelijk contract. Hoewel flexwerken een goede manier is gebleken om meer mensen aan een baan te helpen en tegelijkertijd voor minder kosten en minder risico’s voor werkgevers te zorgen, heeft het ook tot veel nadelen geleid. Veel flexwerkers voelen zich voortdurend onder stress staan, omdat ze niet zeker zijn of hun contract wel verlengd zal worden.

Aankopen worden om deze reden uitgesteld en grote financiële beslissingen als een huis kopen, maar ook bijvoorbeeld aan kinderen beginnen wordt ook op de lange baan gezet. Veel werkgevers gebruikten daarnaast de flexwet op een manier zoals hij niet bedoeld is: als een manier om goedkope werknemers te hebben, die je vervolgens na het laatste tijdelijke contract de laan uit stuurt om met een nieuwe flexwerker te kunnen beginnen. Onder meer om deze redenen is de flexwet op 1 januari dit jaar veranderd.

Wat is er veranderd aan de flexwet?

Het reikt te ver om hier de hele nieuwe wet rondom flexwerken en flexwerkers te plaatsen, maar de belangrijkste veranderingen zijn de volgende:
  1. Een werkgever dient minimaal 1 maand voordat het tijdelijke contract afloopt aan zijn werknemer per brief mee te delen of het contract al dan niet verlengd zal worden. Vergeet of weigert een werkgever dit te doen, dan heeft de werknemer recht op één maandsalaris.
  2. Bedraagt de duur van het tijdelijke contract minder dan zes maanden, dan is een werkgever niet meer gerechtigd om een proeftijd te hanteren. Ditzelfde geldt overigens ook voor een aansluitend contract.
  3. Heb je binnen 6 maanden na afloop van je oude tijdelijke contract een nieuw tijdelijk contract bij dezelfde werkgever, dan heb je na 2 jaar in dienst te zijn recht op een vast contract. Voorheen moest je nieuwe contract het oude contract binnen drie maanden opvolgen en gold een maximum periode van 3 jaar voordat je recht had op een contract van onbepaalde tijd.
  4. Medewerkers jonger dan 18 jaar die niet meer dan 12 uur per week werken, hebben bij ontslag géén recht op een transitievergoeding (Let op: deze regel gaat pas in op 1 juli 2015).
  5. Het is enkel nog onder bijzonder omstandigheden gerechtvaardigd om in tijdelijke arbeidscontracten een concurrentiebeding op te nemen. Dit houdt in dat de werkgever in het contract moet motiveren welke ‘zwaarwichtige bedrijfs- of dienstbelangen’ een concurrentiebeding vereisen.